Bermbommen op de Arnhemse heide

Een paar honderd militairen, een vijftigtal voertuigen en een portie verbeeldingskracht. Dat zijn de ingrediënten voor een oefening van de Taskforce Redeployment Uruzgan, die het vertrek van de Nederlandse troepen voorbereidt. Een militair oefenterrein op de Arnhemse heide moet een paar weken lang doorgaan voor een deel van de Afghaanse provincie.

‘Echo hier. Drie locals zijn vertrokken naar onze volgende chokepoint. Over. Roger uit.’ Het konvooi nadert een zanderig kruispunt op een bebost stuk heide. Verkennende voertuigen rijden voorop. Ze houden stil, een zestal militairen springt gewapend uit een wagen.

Drie van hen scannen de kruising af met een metaaldetector. De anderen bewegen zich voorzichtig naar de berm. Dan zien ze drie mannen in witte gewaden opdoemen van achter een boomgaard. Locals. Zijn ze gewoon nieuwsgierig of hebben ze op deze plek net een bermbom ingegraven?

Net echt
Het is net echt. Op de plek van Ede is op de plattegrond Tarin Kowt ingevuld. Deh Rawod ligt ergens tussen Ede en Arnhem. Bewapend en bepakt zijn de militairen klaar voor een risicovolle tocht. Heel even vergeten ze dat de Arnhemse heide geen woestijn is. En dat er in werkelijkheid geen gevaar dreigt.

‘Zo krijgen we een goed beeld van hoe het er in Uruzgan aan toe gaat’, vertelt een groepscommandant van de landmacht die achterin een Bushmaster de communicatie met andere voertuigen onderhoudt. ‘We rijden dit konvooi met 47 voertuigen. In Uruzgan kan dat oplopen tot wel honderd.’

Konvooirijden
Het afbreken van de missie is geen eenvoudige klus. Het belangrijkste en tevens gevaarlijkste aspect van die terugtrekking is het konvooirijden. Vanuit het Nederlandse kamp bij Deh Rawod moet al het materiaal naar Kamp Holland worden gebracht. Een afstand van zo’n vijftig kilometer.

Het simuleren van die route op de Arnhemse heide werkt goed, vindt de groepscommandant. ‘Voor sommigen is het moeilijk die verbeelding te pakken, maar uiteindelijk zit je helemaal in het spel.’ Bij de zogenaamde chokepoint (knelpunt in de route) liggen twee ‘oefenvijanden’ languit in het gras van de zon te genieten. Pas als het konvooi weer gaat rijden, mogen ze de aanval inzetten.

Licht uit
Arnoud Lems van het Korps Mariniers is event-manager van de oefening en benut daarbij de ervaring van zijn eigen uitzending naar Uruzgan. ‘Als je in Uruzgan een bergpas nadert, ga je je zorgen maken. Het is een ideale plaats voor de vijand om bermbommen te plaatsen. Hier op de heide is natuurlijk geen berg te bekennen. Maar hier heb je stukjes dichtbegroeide bebossing, waarachter de vijand zich kan verschuilen.’

De militairen die in Uruzgan het licht uitdoen, zullen verspreid over het jaar vertrekken. De eerste lichting is waarschijnlijk al vóór augustus in Afghanistan. Voor het afbreken van Deh Rawod is ruim twee maanden nodig, voor Kamp Holland zeker vier. Ruim 400 containers en 600 voertuigen – jeeps, vrachtwagens, pantservoertuigen, bouwmachines – moeten worden teruggebracht. Het meeste materiaal over de weg.

Unieke operatie
Hoewel lang niet alle militairen tevreden zijn met het besluit uit Uruzgan weg te gaan, zien ze wel in dat zo’n redeploymentfase uniek is. ‘Een militair kiest er niet voor om spullen op te ruimen, die gaat liever vrede brengen in een land. Maar zo’n grote opruimoperatie maak je natuurlijk niet vaak mee’, zegt Lems.

De manschappen hebben de chokepoint tussen de bossen inmiddels helemaal doorzocht. Er is niets gevonden. Het konvooi kan verder. De voertuigen rijden stapvoets door. Maar dan springt plots de oefenvijand uit de struiken. Bewapend. Twee voertuigen worden geraakt. Gelukkig zijn er geen gewonden.

Beluister mijn radioreportage hier (helemaal onderaan).

Advertenties