Meer Serviërs naar stembus in Kosovo

Servische Kosovaren hebben de verkiezingen niet massaal geboycot, zoals verwacht. Voor aanvang van de eerste parlementsverkiezingen in Kosovo sinds de onafhankelijkheid, werd in de Servische delen van Kosovo opgeroepen tot een boycot van de verkiezingen, die volgens hen onrechtmatig zijn aangezien ze Kosovo niet erkennen als land. Maar daar gaf lang niet iedere Serviër gehoor aan.

Na deze eerste verkiezingen van het jongste land van Europa blijkt dat de Servische bevolking in Kosovo verdeeld is. Terwijl in het Servische noorden van Kosovo de stembussen leeg bleven, is in de Servische enclaves ten zuiden van de rivier Ibar naar schatting 30 procent van de Servische Kosovaren gaan stemmen.

Stemboxen in Noord-Mitrovica blijven leeg

In het Noorden van Kosovo, waar zo’n 60.000 Servische Kosovaren wonen, blijft het de hele dag angstvallig stil bij de stembureaus. Twaalf mobiele stembureaus staan verspreid door het gebied. Het zijn gewone minibusjes, onder de ruitenwisser hangt een briefje met de tekst ‘stembureau’. Naast het busje staat een plastic picknicktafel waarop kiezers zich kunnen inschrijven. Naast de tafel staat een doorzichtige box waar de ingevulde stembiljetten in gaan.

De inzet van mobiele stembureaus heeft te maken met veiligheid van de Servische stemmers, medewerkers en waarnemers. De meeste Serviërs in het Noorden boycotten de verkiezingen. Om die boodschap te versterken hangen op verschillende plaatsten in Noord-Mitrovica posters achter winkelruiten waarop tot boycot wordt opgeroepen.

Anti-verkiezingsposters op winkelruiten in Noord-Mitrovica

De afgelopen maanden werd Noord-Mitrovica geteisterd door een reeks aan incidenten. Vorige week werd een Bosnisch lid van de verkiezingscommissie doodgeschoten toen hij in zijn auto door het gebied reed, een collega raakte gewond. Een Servische medewerker van een NGO, werkzaam in Noord-Mitrovica, kreeg een molotov cocktail door zijn raam. Intimidatie in aanloop naar de verkiezingen.

Op verkiezingsdag blijft het relatief rustig in Mitrovica-noord en de omringende gemeenten. Zondagochtend vroeg is er geschoten op een kantoor van KFOR (de internationale troepenmacht). Ook zijn drie mobiele stembureaus vroegtijdig. Ze werden omsingeld door een groep demonstrerende Serviërs, die de weg naar het stembureau blokkeerden. Twee demonstranten werden gearresteerd.

Dan zijn er nog onbevestigde berichten over Serviërs die rondom de stembureaus in auto’s posten om in de gaten te houden welke Serviërs uit hun gemeenschap zich naar het stembureau durven te wagen. Zij hadden een rustige dag. In het hele Noordelijke gebied zijn maarliefst twee Servische stemmers verschenen. Zij hebben hun stem kunnen uitbrengen onder stevige beveiliging van locale, EU en militaire politie. De stembiljetten zijn vervolgens onder militaire escorte naar het telbureau gebracht.

Internationale troepenmacht KFOR beveiligt mobiel stembureau

In de enclaves in zuid en centraal Kosovo, was het een heel andere verkiezingsdag. Serviërs kwamen massaal opdagen bij de stembureaus in onder meer de enclaves Gracanica en Strpce. En die Serviërs hebben daar zo hun redenen voor.

In de enclaves wonen in totaal ongeveer 60.000 etnisch Serviërs. Terwijl Noord-Kosovo grenst aan Servië en in de praktijk ook functioneert als onderdeel van Servië, worden de enclaves omringd door etnisch Albaneze gebieden. Serviërs in de enclaves leven geïsoleerd. Het zijn de achterblijvers na de Kosovo-oorlog in 1999 toen de meeste Serviërs wegtrokken.

De Serviërs uit de enclaves hebben voor het eerst sinds de onafhankelijkheid gebroken met de traditie om de Kosovaarse politieke structuur te negeren.

De financiële steun die ze voorheen uit Belgrado ontvingen neemt met de dag af. En net als in de rest van Kosovo is de werkeloosheid in de enclaves buitengewoon groot. Als de Servische gemeenschap niet vertegenwoordigd wordt in de Kosovaarse politiek, dan krijgen de enclaves simpelweg geen economische hulp.

Betekent het stemgedrag van Serviërs deze verkiezingen nou dat ze de onafhankelijkheid accepteren? Nee. Het is pure machteloosheid. De Servische regering laat ze in de kou staan, en ze zijn ingesloten door de etnisch Albaneze meerderheid. Als niemand hun belangen behartigt, zien ze de toekomst somber in. Maar het is wel een voorzichtig begin van een proces van integratie in Kosovo.

Tien van de 120 zetels in het Kosovaarse parlement zijn gereserveerd voor Serviërs.

Eén van de mobiele stembureaus in Noord-Mitrovica

Eén van de mobiele stembureaus in Noord-Mitrovica

Advertenties

Film: In Srebrenica wordt nog altijd naar botten gezocht

Vijftien jaar na de ergste genocide in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog zoeken de vrouwen van Srebrenica nog dagelijks naar de botten van hun echtgenoten, broers en zoons. Hun levens, getekend door die onophoudelijke speurtocht, staan centraal in de film Belvedere, die deze week in première ging in de Bosnische hoofdstad Sarajevo.


Tientallen films en documentaires zijn er inmiddels gemaakt over het bloedbad in een stadje in het oosten van Bosnië. Tijdens de oorlog op de Balkan werden in juli 1995 in de ‘veilige’ moslimenclave Srebrenica 8000 mannen en jongens bruut vermoord door het Bosnisch-Servische leger. Het Nederlandse VN-bataljon Dutchbat dat moest waken over de veiligheid van de moslims, kon een bloedbad niet voorkomen.

Vijftien jaar later is ‘Srebrenica’ geschiedenis. Maar de littekens die de genocide in het Bosnische dorp heeft achtergelaten zijn verre van genezen. ‘Belvedere’ laat zien hoe het naoorlogse leven eruit ziet van de vrouwen die overleefden en achterbleven.

Zoeken
De camera volgt een aantal van hen die hun dagen slijten met het zoeken naar stoffelijke overschotten van hun geliefden. Het zijn de moeders, echtgenotes en zussen van Bosniërs die zijn omgekomen tijdens de genocide van Srebrenica in 1995.

De vrouwen van Srebrenica houden krampachtig vast aan hun zoektocht naar het stoffelijke overschot van hun familieleden. Ze kunnen pas rusten als de overblijfselen geïdentificeerd en begraven zijn. En ze wachten – tevergeefs – op het moment dat ook de gruwelbeelden uit hun herinneringen zijn verbleekt.

Gruwelijker
Regisseur Ahmed Imamovic denkt dat het gruwelijker is te kijken naar de littekens die de oorlog heeft achtergelaten, dan naar de oorlog zelf. ‘Het is mensonterend te zien hoe deze vrouwen 15 jaar na de massamoorden nog steeds zoeken naar de botten van hun zoons en echtgenoten’, zegt de filmmaker die eerder een Europese filmprijs won voor zijn film over de belegering van Sarajevo.

‘Belvedere’ is de cynische naam van het vluchtelingenkamp dat is ingericht voor overlevenden die wachten op nieuws over hun vermoorde geliefden. Forensische experts proberen al jaren resten uit de vele massagraven door middel van DNA te identificeren.

‘Het is een emotionele, harde film’, zegt één van de toeschouwers na de première die door een paar honderd mensen werd bezocht. En: ‘Het is belangrijk dat dit soort films wordt gemaakt zodat we nooit vergeten wat er in Srebrenica is gebeurd’.

Roep
Voor filmmaker Imamovic is het vooral ook een roep om gerechtigheid: ‘Het is schandalig dat oorlogsmisdadigers als generaal Ratko Mladic, die deze genocide op hun geweten hebben, nog vrij rondlopen. Alleen als dat soort schurken zijn opgepakt, kan het rouwproces van de overlevenden echt beginnen.’

Beluister de radioreportage hier!