Even terug in de radioactieve zone

(Het Parool, 14 oktober 2011. Pagina 10)

Minamisoma (Fukushima)-

Ruim 250 families die hun woonplaats rondom de kerncentrale in Fukushima in maart ontvluchtten, konden afgelopen weekend tijdelijk terug naar hun huizen. Het Japanse Rode Kruis faciliteert iedere zaterdag de mogelijkheid om maximaal vier uur de verboden zone binnen te gaan om achtergelaten spullen op te halen.

Plastic handschoenen, hoesjes om de schoenen, kapje over het hoofd, een plastic broekpak afgemaakt met een hagelwit mondkapje. Er wordt niets aan het toeval overgelaten in de oude manege in Minamisoma, die voor de gelegenheid is ingericht tot ontsmettingsruimte. De paardenschuur ligt slechts honderd meter van de evacuatiezonegrens. Alleen vandaag mogen gewone burgers in hun eigen auto er doorheen. Mits ze helemaal zijn ingepakt in plastic.

Op de dag van de verwoestende tsunami op 11 maart van dit jaar, werden alle inwoners binnen een straal van 30 kilometer rond de kerncentrale Fukushima Daiichi dringend verzocht belangrijke spullen te pakken en te vluchten voor het nucleaire gevaar. Velen gingen naar familie op andere plekken in het land, sommigen werden opgevangen in tijdelijke behuizing. Ruim een half jaar later leven ze nog steeds in onzekerheid. Zullen ze ooit terug kunnen? En hoe staat hun huis er bij?

Yuji Idogawa was basisschoolleraar in Odaka, een dorp 15 kilometer van de centrale. Nu woont hij werkeloos met zijn gezin elders in de provincie Fukushima. Het is de tweede keer na de ramp dat hij terug gaat naar zijn huis. De eerste keer was vlak na de ramp, een bliksembezoek. Niet langer dan een uur mocht hij toen in het gebied blijven. Vandaag kan hij meer spullen ophalen. “Het is waarschijnlijk de laatste keer dat ik thuis kom”, vertelt Idogawa terwijl hij in de rij staat voor de stralingsmeting. Voor vertrek wordt hij getest zodat de hoeveelheid straling na terugkomst goed te meten is.

“Ik denk dat we nooit meer definitief terug kunnen. De overheid kan wel zeggen dat de vooruitzichten goed zijn, maar ik vertrouw het nog lang niet. Ik kan mijn kinderen de gezondheidsrisico’s niet aan doen.”

De Japanse overheid schroefde de evacuatiezone vorige week met tien kilometer terug omdat er in de gebieden tussen de 20 en30 kilometer van de kerncentrale verminderde radioactieve straling zou zijn gemeten. Hoe gevaarlijk het is om gedurende korte periode het afgezette gebied binnen te gaan, weet niemand exact. Dat het niet geheel zonder risico’s is, weet iedereen. Matsumoto Sayaka van het Japanse Rode Kruis: “Het is op eigen risico wat deze mensen vandaag doen. Wij zorgen ervoor dat ze zich zo goed mogelijk kunnen beschermen.”

Voor vertrek wordt het tijdstip genoteerd. Men mag maximaal vier uur in het gebied zijn. Iedereen krijgt een klein meetapparaat om de nek gehangen, die meet op elk moment hoeveel straling er is. De autoraampjes gaan dicht, de airconditioner moet uit. Kinderen onder de 15 mogen niet mee.

Rond het middaguur druppelen de eerste auto’s weer binnen. De parkeerplaats van de manege staat vol witte partytenten, zo’n honderd stralingsspecialisten van TEPCO in witte pakken wachten op de eerste auto’s die terugkeren uit het gebied. Op lange tafels staan honderden geigertellers en bodymeters klaar. Alle auto’s worden grondig doorgemeten en als er geen alarmerend grote hoeveelheden straling wordt gevonden, mogen ze gaan.

Yuji Idogawa is ruim 3 uur thuis geweest. Hij heeft de zolder leeggeruimd, spullen ingepakt en wat door de buurt gelopen. Het was zeker niet makkelijker dan de eerste keer, vertelt hij met een glazige blik in de ogen. “Het dak van mijn huis is volledig verwoest door de aardbeving, de ramen zijn kapot. Tijd om dat te repareren was er niet. Overal is wildgroei. Het dorp is kilometers lang compleet verlaten. Het is treurig om je eigen woonplaats zo te zien.”

Zakken vol kleding en dekens. Zijn kleine Suzuki is helemaal volgebouwd. “Meer kon ik niet meenemen. Dit zijn het belangrijkste dingen.” Tussen de zakken staan dozen met speelgoed voor de kinderen, een paar fotoalbums en een stofzuiger.

Toyo Suenaga (71) ging voor het eerst terug naar haar verlaten huis aan de rand van Namie, een dorp op slechts 7 kilometer van de kerncentrale. Haar zoon ging mee. Lichte tranen biggelen over haar verrimpelde wangen als ze vertelt. Haar huis was een grote bende. Suenaga denkt dat er geplunderd is. “Veel spullen zijn verdwenen, het zag eruit alsof iemand was binnengeweest”, zegt ze ontredderd.

Als iedereen zich heeft ontdaan van de witte beschermingslaag, kan er weer opgelucht adem worden gehaald. De mondkapjes, handschoenen en witte pakken gaan in grote vuilniszakken naar een plek waar ze veilig verbrand kunnen worden. En dan moet er worden gemeten.

De straling gemeten na vier uur in het evacuatiegebied te zijn geweest varieert van 2 tot 5 microsievert per uur, rapporteert Matsumoto Sayaka van het Rode Kruis. Dat is niet meteen gevaarlijk, maar als je er zou blijven wonen zeerzeker wel. (zie info onderaan)

“We zijn allemaal bang”, zucht Toyo Suenaga. Een paar weken na de aardbeving bleek dat in Namie de hoogste dosis radioactiviteit is gemeten. Op de dag van de evacuatie had de 70-jarige gepensioneerde vrouw geen idee van de gevaren waaraan ze zeker 24 uur lang is blootgesteld. Dan moet ze gaan. Haar zoon heeft de auto voorgereden. Terug naar huis. Naar haar nieuwe huis. Niet 7, maar ruim 25 kilometer ver weg van de kerncentrale. Misschien is het daar wel veilig. Maar dat weet niemand zeker.

======

Hoe gevaarlijk is het nou eigenlijk?

De dosis die normaal wordt gemeten rond een kerncentrale is onder de 0,5 microsievert. Rond Fukushima Daiichi is dat momenteel tussen de 2 en 5 microsievert.

De hoeveelheid radioactieve straling wordt uitgedrukt in de meeteenheid Microsievert. De microsievert wordt per uur gemeten. Een (normale, natuurlijke) straling is 0,2 microsievert per uur, dat is al gauw (x24) 4,8 per dag en 1752 microsievert per jaar. 1000 microsievert is 1 millisievert. Per jaar dus 1,75 millisievert.

Niet-natuurlijke straling krijg je bijvoorbeeld door rontgenfoto’s te laten maken, of door vlakbij een kerncentrale te wonen. De maximum niet te overschrijden hoeveelheid ligt op 1 millisievert per jaar voor gewone burgers en 20 millisievert per jaar voor mensen die werken met radioactieve straling. Dat betekent dus dat zij na een jaar meten, ervoor moet zorgen dat de teller niet boven de 20 millisievert uitkomt.

De mensen die teruggingen naar hun huis in de no-go-zone rond de kerncentrale Fukushima waren maar vier uur in een gebied met verhoogde radioactieve straling. Ze maten tot 5 microsievert per uur. Dat is 120 microsievert per dag. En dus 43800 microsievert per jaar. Omgerekend is dat 43,8 millisievert per jaar: Meer dan het dubbele van de toegestane hoeveelheid van 20 millisievert. Dat zegt genoeg over het gevaar als deze mensen er zouden blijven wonen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s