Ondergronds Gevaar: landmijnen Kroatië

pagina's LC

Gepubliceerd in Het Parool (6 juli 2013) en Leeuwarder Courant (20 juli 2013)

ZAGREB

In de brandende zon staat boer Kalevic op zijn land aarde om te spitten. Een paar meter verderop, langs de provinciale weg, staat een groot rood waarschuwingsbord: ‘Pas op, Mijnen!’. Onbekommerd is de oude boer in de weer met zijn pikhouweel. “Er liggen hier geen mijnen meer hoor”, roept hij opgewekt vanaf het veld. “Die hebben ze vorige maand opgeruimd”. De boer is blij dat hij weer kan zaaien rond zijn boerderij, want de afgelopen twintig jaar was dat te gevaarlijk. “Nu kan ik eindelijk verder met mijn leven”.

Honderd meter verderop ligt het gevaar nog wel op de loer, daar waar de voormalige frontlinie van het Joegoslavische leger lag. Meer dan twintig jaar geleden bezaaiden zowel het Joegoslavische leger als de Kroatische troepen dit gebied met explosieven om de vijand op afstand te houden, te verwonden of te doden. Tussen 1991 en 1995 zijn naar schatting in het hele land een miljoen antipersoneels- en antitankmijnen gelegd. Daar zijn nog ruim 75.000 van over, verspreid over 682 vierkante kilometer land in twaalf provincies.

Als Kroatië op 1 Juli als 28e land toetreedt tot de Europese Unie, is het het eerste EU-land dat te kampen heeft met kilometers mijnenvelden. Een pijnlijke herinnering aan de oorlog van de jaren negentig, maar vooral levensgevaarlijk voor de mensen die er wonen. En bovendien slecht voor economische vooruitgang, want veel landbouwgrond is onbruikbaar en buitenlandse investeerders blijven weg.

“Het is een van de grootste obstakels voor vooruitgang in Kroatië”, zegt Mladen Crnkovic van het Kroatische Centrum voor Ontmijning (HCR) terwijl hij zijn auto in het gras draait, pal naast geïmproviseerde lunchplek van de ontmijners. “Zeker 800.000 mensen wonen vlakbij mijnenvelden”, gaat Crnkovic verder. De provincie Karlovac, in het zuiden vlakbij de Bosnische grens, is één van de grootste mijnengebieden van het land. In tegenstelling tot de kust komen hier vrijwel geen toeristen. Als het weer het toelaat wordt er iedere dag gespeurd naar overgebleven mijnen.

Voorzichtig pakt ontmijner Marko Vukelic een van de aangetroffen antipersoneelsmijnen op. Zijn gezicht staat strak, hij houdt het kartelige explosief omhoog om te laten zien dat het nog onder de aarde zit. “Deze hebben we gisteren gevonden, hier vlak onder de grond”. De ontmijners werken vijf uur per dag. Het is zenuwslopend werk, het meeste gebeurt handmatig. Stap voor stap scannen ze het territorium af met metaaldetectors. Zodra er een aantal mijnen zijn opgegraven worden ze gecontroleerd tot ontploffing gebracht op een rustige plek in het bos.

Het is een klus die niemand graag doet. Het zijn overwegend oorlogsveteranen die zich ervoor aanmelden. Ze vinden het belangrijk dat het mijnprobleem wordt opgelost, maar niemand windt er doekjes om: Dit werk doe je voor het geld. Vukelic: “Als ik op een mijn stap ben ik er geweest, ik riskeer mijn leven. Dit doe je echt niet voor je lol”, grinnikt hij. “Ik doe het om mijn gezin een beter leven te geven”. Met twee collega’s heeft hij zojuist een stuk bos gecontroleerd. Zweetdruppels staan op zijn voorhoofd. “Dat is van de hitte”, roept hij gauw. “Ik ben niet bang hoor. Als je dit werk wil doen moet je niet teveel nadenken. Die knop zet je om”.

Het ontmijningsproces is al sinds 1998 bezig, maar snel gaat het niet. Het opsporen en verwijderen van de verstopte explosieven is een kostbare en tijdrovende klus. Bovendien ontbrak het vlak na de oorlog aan informatie over precieze locaties van mijnen. Het leger vernietigde de meeste mijnenkaarten. “Uiteindelijk hebben we toch wat kaarten gekregen van ex-militairen”, vertelt Crnkovic. “Maar het duurde erg lang voor alles in kaart was gebracht”.

Het ontruimen van mijnenvelden wordt gedaan door commerciële bedrijven. Een ontmijner verdient ongeveer duizend euro per maand terwijl het gemiddelde salaris in Kroatië rond de zevenhonderd euro ligt. Maar in verhouding tot de risico’s vinden veel ontmijners het te weinig. Er is kritiek op de privatisering van de ontmijningsindustrie. Door concurrentie worden de salarissen laag gehouden en door hoge werkeloosheid zijn er altijd mensen die het werk willen doen. Zestig ontmijners zijn tot nu toe tijdens hun werk omgekomen. Nog ruim tweehonderd raakten zwaar gewond.

Vukelic en zijn collega’s grappen nog wat met elkaar, worden dan weer bloedserieus, zetten de helm op en verdwijnen het bos weer in. Intussen schenkt Ivana Maslac een kop koffie in op de lunchplek. Ze is verpleegster en iedere dag ter plekke. “Voor de zekerheid”, zegt ze. Er staat een ambulance aan de weg. Op de picknicktafel liggen puzzelboekjes. “Het zijn lange dagen, meestal heb ik niks te doen”. Maslac heeft nog niks ernstigs meegemaakt. Zo nu en dan behandelt ze ontmijners die last van hun rug hebben. “Ik zie in hun ogen hoe stressvol dit werk is. Het is de zwaarste baan die je kunt hebben”.

Hoe langzaam het ontmijningsproces ook gaat, Kroatië heeft in de jaren veel kennis en ervaring opgebouwd. “Onze expertise is een van de beste ter wereld”, legt Crnkovic uit. “We verkopen ontmijnmachines aan andere landen”. Kroatische ontmijners gingen de afgelopen jaren naar Libië, Afghanistan en Cambodja om trainingen te geven aan lokale mijnenruimers. “Onze mannen hebben ervaring. Zie het als een geluk bij een ongeluk”.

Zo nu en dan komen er nog berichten over burgers die per ongeluk op een mijn stappen en gewond raken of om het leven komen. In de meeste gevallen zijn het boeren die ondanks de waarschuwingen toch het land in gaan, of ’s winters het bos in trekken om hout kappen.

Eind vorig jaar reed een boer uit Osijek met zijn traktor op een antitankmijn, hij overleed ter plekke. Volgens Crnkovic hoeven zulke ongelukken niet te gebeuren. “Overal waar mijnen liggen staan onze waarschuwingsborden”, zeg hij stellig. “Die boer kende het gebied heel goed, wist dat er gevaren waren maar koos ervoor toch te gaan”. Omdat mijnen een relatief onzichtbaar gevaar vormen, verdwijnt de urgentie soms ongemerkt, legt hij uit: “Zo’n boer gaat één keer het mijnveld in en komt er ongeschonden uit. Dan gaat ie makkelijker een tweede of derde keer. De vierde keer gaat het mis”.

Er staan in totaal 40.000 waarschuwingsborden in het land. De HCR controleert elk jaar of ze nog op de juiste plek staan. Want een ander probleem is diefstal. “Soms worden de borden gestolen door mensen die het materiaal verkopen”. Ook de wind blaast wel eens een bord omver.

Het feit dat 682 kilometer aan landbouw- en bosgrond onbruikbaar is, zorgt voor economische stagnatie op het platteland. De eerste jaren na de oorlog lag de prioriteit bij dichtbevolkte gebieden, rond wegen en op plekken waar veel industrie is. Ook toeristische trekpleisters werden als eerste mijnvrij gemaakt. Maar de boeren moesten wachten.

Kroatië wil in 2019 helemaal mijnvrij zijn. Crnkovic: “Als we straks meer geld van de Europese Unie krijgen moeten we de klus binnen een paar jaar af kunnen hebben”.

===

Kader:

Ontmijnen blijft mensenwerk. Ook al wordt een voormalig mijnengebied ‘schoon’ verklaard, dan is er nog steeds een risico dat er een verdwaalde mijn is blijven liggen. Kroatische wetenschappers hebben onlangs aangetoond dat mijnen die over het hoofd zijn gezien toch kunnen worden opgespoord met behulp van bijen. Honingbijen kunnen worden getraind om voedsel te associëren met de geur van explosieven. Als je die getrainde bijen vervolgens loslaat in een mijngebied zullen ze gaan rondzwermen boven de plekken waar explosieven liggen. Dan kunnen ontmijners op die plek gaan zoeken. De Kroaten hopen deze techniek binnenkort te gebruiken. 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s